Hoe kan samenwerking in een gebied functioneren als een ecosysteem? Dus vanuit relaties, wederkerigheid, lokaal initiatief en gedeelde verantwoordelijkheid. Dat werd in de workshop ‘Verbinden in het gebied’ verkend, onder leiding van Martien Lankester van Bioregio Greidhoeke en WUR-actieonderzoeker Amanda Krijgsman tijdens het Nationaal Voedselberaad in april.
De workshop begon vanuit het narratief dat een gebied meer is dan een verzameling functies. Landschap, bodem, water, cultuur, historie, economie, gezondheid en gemeenschap zijn met elkaar verweven. Vanuit de vraag hoe voedselproductie, landschap, gezondheid en gemeenschapszin in samenhang kunnen worden georganiseerd, gingen we met elkaar in gesprek.
Hoe organiseer je een cultuur van zorg en verbinding in het gebied?
Lokaal voedsel kan de relatie tussen producenten, consumenten, landschap en gemeenschap herstellen. Gebiedscoöperaties werden besproken als een manier om partijen in een regio rond gedeelde opgaven te verbinden: boeren, bewoners, overheden, natuurorganisaties, ondernemers, onderwijs, zorg en voedselinitiatieven.
Lokale afzet speelt daarin een belangrijke rol. Het verbindt stad, land en regio en kan lokaal voedsel helpen groeien van niche naar nieuwe cultuur. De uitdaging is om de juiste schaal te vinden: klein genoeg om verbonden te blijven met mensen en plek, maar groot genoeg om economisch en organisatorisch betekenisvol te zijn.
Wat is daarvoor nodig?
De vraag “hoe krijg je mensen in beweging?” kwam nadrukkelijk terug. Om een cultuur van zorg en verbinding te laten groeien, is het nodig om klein en concreet te beginnen. Ontmoeting, vertrouwen en herkenning vormen de basis. Dat betekent: luisteren voordat je organiseert, relaties opbouwen voordat je structuren vastlegt, en ruimte maken voor verschillende rollen.
Daarom is het belangrijk om bestaande initiatieven zichtbaar te maken, mensen bij elkaar te brengen, aan te sluiten bij wat er leeft in het gebied en mensen uitnodigen om mee te doen.
Ook is het nodig om de juiste schaal te zoeken. Initiatieven moeten verbonden blijven met mensen en plek, maar ook voldoende omvang krijgen om economisch en organisatorisch betekenis te krijgen. Lokaal voedsel en regionale afzet kunnen daarin een verbindende rol spelen, vooral wanneer stad en land via concrete producten of ketens aan elkaar worden gekoppeld. Om een grotere vraag te kunnen bedienen, kan het verstandig zijn om te starten met één product en daarna geleidelijk op te schalen.
Tot slot blijft de politieke en bestuurlijke context belangrijk. Lokaal voedsel moet een plek krijgen in het politieke landschap.
Wat gaan we doen?
Als eerste concrete stappen gaan we ontmoetingen en inspiratiereizen organiseren, bestaande initiatieven in kaart brengen en beginnen rond een concreet product of lokale keten.
Boeren, bewoners, beleidsmakers, ondernemers, kennisinstellingen, natuurbeheerders, financiers, zorgorganisaties en lokale voedselinitiatieven hebben ieder een eigen plek in het ecosysteem. De kracht zit niet in één partij die het geheel aanstuurt, maar in de kwaliteit van de onderlinge verbindingen.
Dit verslag is geschreven door Amanda Krijgsman.


Bekijk ook de video van de Bioregio Greidhoeke!

